Andreas Gursky

Andreas Gursky: fictie op basis van feiten

De beelden van de Düsseldorfse fotograaf Andreas Gursky (geboren in 1955) zijn in elk opzicht ongewoon. Het meest opvallende is natuurlijk de grote afmetingen, ongewoon voor foto’s. Gursky waagt zich aan beeldgroottes die wij anders enkel van reclameborden kennen. Zijn opnames werven hoogstens voor een precieze blik op de wereld.
99 Cent II’, Diptychon, 2002, elk 159,4 x 277 cm, uit de catalogus ‘Andreas Gursky’ naar aanleiding van de tentoonstelling in het Haus der Kunst, München, 2007; met vriendelijke toelating van uitgeverij Snoeck Verlagsgesellschaft Köln; Cop: Andreas Gursky, Thomas Weski, Snoeck Verlagsgesellschaft

Gursky verzamelt zijn opnames bij reizen rond de ganse wereld. Of hij nu in Vietnam honderden mandenvlechters fotografeert in een reusachtige hal of in verschillende landen de heksenketel op beeld vastlegt van internationale beurzen of grote concerten van pop- stars zoals Madonna in beeld, hij slaagt er in massavoorstellingen te maken, zoals men ze tot nu toe nog niet had gezien. Werk, sport, politiek – hij schrikt voor geen enkel thema terug. In Noord- Korea fotografeert hij politieke massa-ensceneringen die mensen tot deel maken van propagandistische acties. In New York of Berlijn houdt hij zich bezig met de uniformiteit van anonieme mensenmassa’s bij grote concerten of de love- parade. Steeds weer slaagt hij in metaforen van de globalisering. Gursky’s opnames zijn ongewoonlijk succesrijk, zowel bij het publiek, alsook op de kunstmarkt. Zijn beelden brengen sensatie teweeg.

Op het standpunt komt het aan

Detail van
'Nha Trang'

Wil men het werk van een fotograaf verstaan, is het goed om zijn standpunt – in woordelijke zin - te onderzoeken. Gursky neemt immers altijd ongewone standpunten in. Omdat hij van buitengewone punten op een landschap blikt, kan hij ze ook in buitengewone zienswijzen tonen. Hij neemt een “geprivilegieerd perspectief” in (Thomas Weski), d.w.z. een standpunt dat een tweede persoon niet zo gemakkelijk zou kunnen innemen. Gursky zoekt het overzicht, hij is nooit deel van het gebeuren, maar buitenstaand waarnemer. Hij zoekt zijn beeld van op afstand. Daarom bestijgt hij balkons en huisdaken, fotografeert hij van op heftrucks, kranen en in de laatste jaren ook meer en meer vanuit helikopters. Geen wonder dat hij meer kan tonen dan wij kunnen zien.

De overweldigende indruk die zijn beelden teweeg brengen, hangt ook samen met de irriterende dieptescherpte van zijn opnames. Ongeacht hoe groot de sectie van de wereld die hij ons wil tonen, zijn beelden zijn scherp tot in de laatste hoeken. De optiek van het menselijke oog kent deze persistente blikscherpte niet. Zo ontstaat door het gebruik van camera’s met hoge resolutieobjectieven een bovenmenselijke scherpte.

Grote structuren en detailrijkdom

'Salerno I'
Maar Gursky heeft ook een onmiskenbare blik voor grote structuren. Hij zoekt voornamelijk plaatsen op, binnenruimtes alsook buitenruimtes, die eigen rangcriteria met zich meebrengen. De haven van Salerno toont honderden rijtuigen van een autofabrikant die op hun verscheping wachten, daarachter duizenden kleurrijke containers, en in een verdere laag, de woonblokken van de havenstad. Opgenomen vanaf een berg komt het beeld over als een klassiek landschapsschilderij – de stand aan zee – maar tegelijkertijd is het gemasseerd, gecomprimeerde industriële tegenwoordigheid. In plaats van de idylle, is adembenemende moderniteit gekomen.

De grote structuren die Gursky gebruikt, geven zijn beelden hun houvast. De details geven hen leven. Een beeld zoals Montparnasse, dat een reusachtig, lang gestrekt wooncomplex toont, heeft Gursky gemonteerd uit verschillende opnames, zodat een zijaanzicht van het gebouw mogelijk wordt, dat in werkelijkheid zo niet te zien is, omdat de waarnemer ter plaatse nooit de nodige afstand zou kunnen nemen. Het beeld toont ons het gebouw duidelijker dan wij het zouden kunnen zien. In zijn vensters vinden talloze scènes plaats die de monotonie van de steeds gelijke woningfaçade op volstrekt ongelooflijke manier doorbreken en beleven.

Tijdmetaforen, beeldverdichting

De beelden laten zich recipiëren als esthetische composities en als sociologische studies. Gursky’s foto’s zijn niet alleen mooi, maar vooral intelligent. Ze zijn tijdmetaforen. Het verbluffende aan Gursky’s reusachtige prints, die het begrip van de begroting absoluut op het punt brengt, is, dat ze de waarnemer steeds weer aantrekken met een soort van zuigwerking. Men wil zien wat er allemaal te zien valt. Het verhalende detail is verstopt in de structuren. Overzicht en precisie in detail zijn beslissend voor Gursky’s stijl.

Zijn fotografie is niet documentair, hoewel hij wel werkt met de werkelijkheid, van haar leeft en haar comprimeert. Zijn fotografie is echter ook niet subjectief, zoals we uit de fotogeschiedenis kennen. Hij maakt afbeeldingen die fictie zijn op basis van feiten. Toch is het juist in de afbeeldingen van de jaren ´90, waarin Gursky toenemend met digitale nabewerking van zijn beelden aan de slag gaat, zo dat ze de waarnemer onzeker maken. Hij voelt dat het er hier niet rechtuit aan toe gaat, dat er iets verdachts aan de hand is, dat hier wordt gemonteerd, om door de montage de beelduitwerking te verhogen.

Men probeert als waarnemer om het beeld op het spoor te komen. Men wil het beeld zien, zoals het zou kunnen ontstaan zijn, zoals het werd gemanipuleerd. De vraag naar het “hoe” dringt zich bij veel van Gursky’s afbeeldingen op. Duidelijk is alleen, dat het artistieke beelden zijn, dat Grusky een grens, die tot nu de fotografie en schilderwerk scheidde, begint op te heffen. Fotografie neigt er bij hem naar om digitaal schilderwerk te worden. Dat hij de werken van moderne kunstenaars herhaald gefotografeerd heeft, is hiervoor enkel een aanwijzing naar de beeldbronnen, waar hij aanleuning voor zijn soort van fotografie zoekt.

De werkelijkheid is een constructie

Detail van '99 Cent II'
Gursky blijft niet langer staan bij de “authentieke” foto, die zo doet alsof ze ons de werkelijkheid toont zoals ze is. Bij hem is de werkelijkheid het resultaat van een beeldconstructie. Hij grijpt diep in de trukendoos van de digitale postproductie aan de computer. Hij comprimeert tijd en ruimtelijk gebeuren in zijn beelden. Hij toont ons de wereld niet zoals ze is, maar zoals hij ze ziet. Maar zijn blik op de wereld is zeer geoefend. Hij heeft een gevoel voor voorbeeldige oorden en landschappen, dat doet denken aan het kunnen van Andy Warhol. Wanneer hij een goedkope markt in de USA fotografeert, waarin alle waren niet meer dan 99 cent kosten, dan schept hij daarmee een treffende metafoor van de consumptiemaatschappij. Dat het beeld onlangs voor 2,2 miljoen dollar werd verkocht, is dan enkel nog de ironie van het verhaal en wederom een metafoor voor de wereld van de kunstmarkt.

Andreas Gursky, Thomas Weski: Andreas Gursky; Snoeck Verlagsgesellschaft mbH, Köln, 2007, ISBN 978-3-936859-50-8

Jan Thorn
Prikker is lid van de online- redactie van het Goethe- Institut

Copyright: Goethe-Institut e. V., Online-Redaktion
maart 2007
Links over dit onderwerp

Dossier: Media Art in Germany

History, tendencies, names and institutions