In het land van de afvalsorteerders

De Duitsers gelden als zeer voorbeeldig wat afvalscheiding betreft. Uit het goede voornemen de afvalbergen meester te worden, is een lucratieve business met grondstoffen, en zelfs een bijdrage tot de klimaatbescherming ontstaan.
“Wanneer er niet genoeg werk is, laat de mensen afval sorteren”, moppert Bernhard Sawatzki. De 45-jarige uit Duisburg staat met zijn winkelkarretje vol lege plastic flessen in de rij. Een discountsupermarkt heeft een automaat geplaatst die flessen uit polyethyleentereftalaat, afgekort PET, versnippert, en klanten een bon voor het statiegeld geeft. “De Chinezen maken er fleece truien van”, weet Thomas Wilke. De 16-jarige leerling vindt het statiegeldsysteem goed. “Beter zo, dan dat alles op het stort belandt.”
Kleurenspel
Verzamelen, scheiden, sorteren. De Duitsers zijn een volk van afvalsorteerders geworden, sinds in 1990, onder de toenmalige minister van milieu Klaus Töfper, de Duitse verpakkingsregelgeving geïntroduceerd werd. Het doel was de groeiende afvalbergen te reduceren, daarom wordt naar kleur gesorteerd: de gele ton of de gele zak voor verpakkingen, de blauwe ton voor papierafval, de groene of bruine ton voor composteerbaar afval, de grijze ton voor het restafval, de glasafval verzamelcontainer voor wit, bruin en groen glas. Daarnaast staan verzamelcontainers van privé-instellingen voor schoenen en kledij. En dan zijn er nog de reeds vermelde verzamelpunten voor PET- flessen in de levensmiddelenzaken.
“Waarom doen die dat?”, vraagt de een of de andere zich misschien af. “Niet energie is schaars, maar de grondstoffen op lange termijn”, antwoordt professor dr. Karlheinz Scheffold, expert voor kringloopeconomie en afvalmanagement aan de hogeschool Bingen. Het gaat hier om de zogenaamde secundaire grondstoffen: glas, oud papier, kunststoffen, blik, aluminium en andere stoffen die uit afval kunnen gewonnen worden en weer in de economische kringloop kunnen gebracht worden – vandaar de benaming kringloopeconomie. “Urban Mining”, noemen deskundigen deze idee om stedelijk afval als “mijn” voor grondstofwinning te gebruiken. Volgens berekeningen van het Instituut van Duitse Economie (IDW – Institut der deutschen Wirtschaft) uit het jaar 2007 is het gebruik van deze secundaire grondstoffen ervoor verantwoordelijk dat primaire grondstoffen ter waarde van 3,7 miljarden euro niet moesten verbruikt worden.
Hoger ecologisch nut
In de euforie van de beginjaren werden veel stortplaatsen voor afval door hun uitbaters kortweg in “recyclageparken” omgedoopt, vuilniswagens werden plots “recycleerbaar afvalverzamelaars”. Sceptici overgoten deze Orwelliaanse benaming met bakken spot, inmiddels zijn de gemoederen bedaard. Niet in het minst omdat de uitbaters van het duale systeem, zoals het recyclagesysteem gedoopt werd, elk jaar naadloos moet kunnen aantonen hoe hoog het recyclagepercentage, dat wil zeggen het ecologisch nut van het inzamelen, is. Volgens de meest recente cijfers werd er in het jaar 2007 68,5 miljard megajoule aan primaire energie bespaard – de jaarlijkse behoefte van 410.000 Duitsers. Bovendien werd 1,5 miljard ton CO²-uitstoot vermeden. Dat is het equivalent van de hoeveelheid CO² die een woud, dubbel zo groot als Hamburg, kan opnemen in een jaar. Afvalscheiding is bijgevolg een actieve bijdrage tot klimaatbescherming.
Toch zijn de Duitsers een verdeeld volk wat afvalsortering betreft. “Minder dan een derde van de bevolking wil niet sorteren”, zegt deskundige Scheffold. “Tweederde daarentegen zijn bereid zich voor recycling te engageren.” Het eerste derde heeft recyclagebedrijven in de voorbije jaren door zogenaamde missers het leven moeilijk gemaakt. Zo landde al het mogelijke in de gele container: restafval, schroot, verf en lak moesten er in het begin per hand uitgevist worden. Het “Grüne Punkt” was ooit een symbool dat aantoonde dat de fabrikant van een product zijn licentiebijdrage aan het duale systeem betaald had. Verpakkingen zonder groen punt hoorden niet thuis in de gele container – de Duitsers negeerden dit echter zodanig lang, dat de Bondsdag onlangs besloot de markeringsplicht af te schaffen. “Voor de verbruiker betekent dit: alle gebruikte verkoopverpakkingen horen thuis in de overeenkomstige containers”, verklaart Hansjörg Niess, woordvoerder van het Duales System GmbH. De mensen hebben nu dus de toelating dat te doen, wat het merendeel sowieso al altijd deed.”
Sorteert de machine beter?
18 jaar na de invoering van de gele container bediscussiëren experts inmiddels of het systeem tegen de achtergrond van het eenderde dat weigert het toe te passen, kan in stand gehouden worden, temeer daar ingenieurs al een hightech oplossing voor het probleem gevonden hebben: “De jongste generatie van recyclage-installaties kan zelfs kunststofsoorten zoals polyethyleen, polypropyleen en polystyrol sorteren. De machinale schifting is wezenlijk effectiever dan die per hand”, zo Hansjörg Neiss enthousiast. Dieter Arning, bestuurslid van Landbell AG, een concurrent van het Duales System Deutschland GmbH, gaat niet akkoord: “Een hightech schifting inclusief scheiding van kunststoffen is weliswaar principieel beter, maar wanneer alles eerst in een en dezelfde container terecht komt, is een sterke verontreiniging onvermijdelijk. Dat bemoeilijkt de machinale recycling enorm en de vereiste percentages worden niet bereikt.” Scheffold ziet nog een ander gevaar: “Is het systeem voor het verzamelen van gescheiden afval beschadigd, dan is ook recycling niet meer van tel, en gaat het er alleen nog maar om in steeds grotere verbrandingsinstallaties het afval steeds goedkoper te vernietigen.”
Olaf Peters
is freelance journalist en medeoprichter van het agentschap Wortwexxel. Hij woont en werkt in Oldenburg in het Roergebied.
Copyright: Goethe-Institut e. V., Online redactie Juli 2009












