Strips voor kinderen
Hoewel er, vooral in het begin van de Duitse stripgeschiedenis, talloze voorbeelden voor kinderstrips waren, ging de productie na de Tweede Wereldoorlog sterk achteruit. Pas na de Duits- Duitse hereniging in 1989 was er verbetering. De redenen hiervoor zijn talrijk en kunnen het best begrepen worden in een terugblik.
Eén van de eerste strips die jong en oud aansprak, was Erich Ohsers strip Vater und Sohn uit de dagkrant Berliner Illustrierte, gepubliceerd onder het pseudoniem e. o. plauen. Voor het eerst gedrukt in het jaar 1934, veroverde deze stomme stripreeks met de twee innemende familieleden binnen de kortse keren een grote fangemeenschap. De beeldsequenties hebben niets aan actualiteit en humor ingeboet, en nodigen bijgevolg ook vandaag nog uit tot glimlachen.
Na de Tweede Wereldoorlog produceerde de markt strips die meer aan specifieke doelgroepen georiënteerd waren, en zo voltrok zich een scheiding tussen strips voor kinderen en voor volwassenen. Een voorbeeld hiervoor was de publicatie Sternchen, de kinderbijlage van het wekelijkse geïllustreerde tijdschrift Stern. Naast raadsels, spelletjes en reportages voor kinderen, werd Roland Kohlsaats strip Jimmy das Gummipferd geprint. De avonturen van cowboy Julio en zijn wonderpaard Jimmy brachten hen naar vreemde landen, waar ze tegen fantastische fabelwezens moesten strijden. Kohlsaat tekende de spannende en humoristische reeks, één van de absolute klassiekers van de Duitse stripgeschiedenis, 24 jaar lang, tot aan zijn dood.
Verre en onbekende landen en zelfs werelden stonden in het middelpunt van een kinderstrip in de voormalige DDR: de Digedags. Hannes Hegen heeft het avontuurlijke trio Dig, Dag en Digedag ontwikkeld en ze tot in de jaren 1970 getekend. Het nalatenschap van de Digedags werd inmiddels overgenomen door Die Abrafaxe, die eveneens in de ganse wereld onderweg zijn.
Decennialang waren de stripmarkten voor kinderen en volwassenen van elkaar gescheiden. Terwijl de lezer zonder problemen de grenzen naast zich neer kon leggen, vreesden striptekenaars dat een mogelijke omschakeling een negatieve invloed zou hebben op hun "goede" reputatie, vooral gezien het ontstaan van de "volwassenenstrips" in de jaren 1970. De initiële drijfveer voor verandering kwam er pas met het plezier dat de Duitstalige stripavant-garde vond in het experimenteren. Kunstenaars zoals CX Huth schoven onnodige conventies zonder meer terzijde, en namen de uitdaging aan om strips voor alle leeftijdsgroepen te maken. In zijn album Das 23 fünf acht neun ontmoeten Lillpop en Mops bij een bezoek aan de zoo het fantasiewezen Keziban, en allebei dingen ze naar diens vriendschap. CX Huths strip doet optisch denken aan een sprookjes- en schilderboek dat door een kinderhand met tekenstiften bewerkt werd. Tegelijkertijd is het een geslaagd experiment dat laat zien, hoe men woord en beeld los van panelen en de gebruikelijke vertelstructuren in een strip kan inzetten.
De kinderboekillustrator Ole Könnecke heeft zich met Doktor Dodo schreibt ein Buch voor het eerst aan een strip gewaagd, die weliswaar voor kinderen geconcipieerd is, maar geen leeftijdsgrens naar boven toe nodig heeft. Het humoristische verhaal gaat over de moeilijkheid om een boek te schrijven, van het vinden van de idee tot aan de dramaturgie, en is door zijn talrijke literarische verwijzingen ook voor volwassenen zeer vermakelijk.
Het door Henning Wagenbreth geïllustreerde kinderboek Mond und Morgenstern, naar een vertelling van Wolfram Frommlet, werd als "mooiste boek ter wereld" bekroond. Wagenbreths illustraties zijn een geslaagde mengeling uit schilderkunst en grafische kunst, illustratie en strips, en fascineert door zijn extravagante kleuren- en vormenverscheidenheid.
De voormalige striptekenaar Walter Moers wijdt zich nu volkomen aan zijn "koningsdiscipline"; het schrijven van romans. Moers kan het echter niet laten, zijn fantastische en sprookjesachtige verhalen zoals Ensel und Krete of Rumo met heerlijke illustraties te beschilderen. Hij blijft immers, weliswaar in gereduceerde vorm, geïnteresseerd aan een evenwaardige verbinding van woord en beeld.
Ulf K. werkt als striptekenaar en illustrator voor kinderboeken. De publicaties van de tekenaar en schrijver zijn omwille van hun klare en delicate tekenstijl en de poëtische vertellingen voor een tijdloos publiek voorbestemd. Ulf K's illustraties voor Martin Baltscheits boek Der kleine Herr Paul zijn zo charmant en expressief tegelijkertijd, dat ze de tekst geniaal aanvullenn.
Atak is ondertussen werkzaam als professor voor illustraties en houdt zich voornamelijk bezig met de vormgeving van kinderboeken. Voor de Franse uitgeverij Thierry Magnier heeft hij het Afrikaanse sprookje Comment la mort est revenue à la vie (2007) geïllustreerd, naar het verhaal van Muriel Bloch, en voor de Duitse uitgeverij Jacoby und Stuart heeft hij vorm gegeven aan het kinderboek Verrückte Welt (Geschifte wereld, 2009). Voor de 200ste verjaardag van Heinrich Hoffmann laat Atak, samen met Fil, één van de meest succesrijke kinderboeken van Duitsland herleven: Piet de Smeerpoes. Vrolijke verhalen en grappige plaatjes verscheen bij de Zwitserse uitgever Kein & Aber. Fils nieuwe textinterpretaties van Zappelphilipp, Hans-guck-in-die-Luft & Co. dikken de strenge moraal van de originele versie veelvuldig aan, en worden door Ataks illustraties geniaal aangevuld.
Illustratrice Nadia Budde ziet woord en illustratie als een eenheid. Het is dan ook niet te verwonderen dat haar beeldverhalen voor kinderen en jongeren zowel met stripprijzen als met literatuurprijzen bekroond worden. Voor haar boek Such dir was aus, aber beeil dich! ontving ze zowel de Max en Moritz Prijs voor de beste kinderstrip, als ook de Duitse Jeugdliteratuurprijs 2010. Of het nu om een kinder- of jeugdboek gaat, kinderstrip of een boek voor het kind in ons, volwassenen – Nadia Budde tekent spelenderwijs over de genregrenzen heen.
De Duitse striptekenaars hebben zich eindelijk kunnen emanciperen en experimenteren tegenwoordig weer met strips en illustraties voor alle leeftijdsgroepen.
Eén van de eerste strips die jong en oud aansprak, was Erich Ohsers strip Vater und Sohn uit de dagkrant Berliner Illustrierte, gepubliceerd onder het pseudoniem e. o. plauen. Voor het eerst gedrukt in het jaar 1934, veroverde deze stomme stripreeks met de twee innemende familieleden binnen de kortse keren een grote fangemeenschap. De beeldsequenties hebben niets aan actualiteit en humor ingeboet, en nodigen bijgevolg ook vandaag nog uit tot glimlachen.
Na de Tweede Wereldoorlog produceerde de markt strips die meer aan specifieke doelgroepen georiënteerd waren, en zo voltrok zich een scheiding tussen strips voor kinderen en voor volwassenen. Een voorbeeld hiervoor was de publicatie Sternchen, de kinderbijlage van het wekelijkse geïllustreerde tijdschrift Stern. Naast raadsels, spelletjes en reportages voor kinderen, werd Roland Kohlsaats strip Jimmy das Gummipferd geprint. De avonturen van cowboy Julio en zijn wonderpaard Jimmy brachten hen naar vreemde landen, waar ze tegen fantastische fabelwezens moesten strijden. Kohlsaat tekende de spannende en humoristische reeks, één van de absolute klassiekers van de Duitse stripgeschiedenis, 24 jaar lang, tot aan zijn dood.
Verre en onbekende landen en zelfs werelden stonden in het middelpunt van een kinderstrip in de voormalige DDR: de Digedags. Hannes Hegen heeft het avontuurlijke trio Dig, Dag en Digedag ontwikkeld en ze tot in de jaren 1970 getekend. Het nalatenschap van de Digedags werd inmiddels overgenomen door Die Abrafaxe, die eveneens in de ganse wereld onderweg zijn.
Decennialang waren de stripmarkten voor kinderen en volwassenen van elkaar gescheiden. Terwijl de lezer zonder problemen de grenzen naast zich neer kon leggen, vreesden striptekenaars dat een mogelijke omschakeling een negatieve invloed zou hebben op hun "goede" reputatie, vooral gezien het ontstaan van de "volwassenenstrips" in de jaren 1970. De initiële drijfveer voor verandering kwam er pas met het plezier dat de Duitstalige stripavant-garde vond in het experimenteren. Kunstenaars zoals CX Huth schoven onnodige conventies zonder meer terzijde, en namen de uitdaging aan om strips voor alle leeftijdsgroepen te maken. In zijn album Das 23 fünf acht neun ontmoeten Lillpop en Mops bij een bezoek aan de zoo het fantasiewezen Keziban, en allebei dingen ze naar diens vriendschap. CX Huths strip doet optisch denken aan een sprookjes- en schilderboek dat door een kinderhand met tekenstiften bewerkt werd. Tegelijkertijd is het een geslaagd experiment dat laat zien, hoe men woord en beeld los van panelen en de gebruikelijke vertelstructuren in een strip kan inzetten.
De kinderboekillustrator Ole Könnecke heeft zich met Doktor Dodo schreibt ein Buch voor het eerst aan een strip gewaagd, die weliswaar voor kinderen geconcipieerd is, maar geen leeftijdsgrens naar boven toe nodig heeft. Het humoristische verhaal gaat over de moeilijkheid om een boek te schrijven, van het vinden van de idee tot aan de dramaturgie, en is door zijn talrijke literarische verwijzingen ook voor volwassenen zeer vermakelijk.
Het door Henning Wagenbreth geïllustreerde kinderboek Mond und Morgenstern, naar een vertelling van Wolfram Frommlet, werd als "mooiste boek ter wereld" bekroond. Wagenbreths illustraties zijn een geslaagde mengeling uit schilderkunst en grafische kunst, illustratie en strips, en fascineert door zijn extravagante kleuren- en vormenverscheidenheid.
De voormalige striptekenaar Walter Moers wijdt zich nu volkomen aan zijn "koningsdiscipline"; het schrijven van romans. Moers kan het echter niet laten, zijn fantastische en sprookjesachtige verhalen zoals Ensel und Krete of Rumo met heerlijke illustraties te beschilderen. Hij blijft immers, weliswaar in gereduceerde vorm, geïnteresseerd aan een evenwaardige verbinding van woord en beeld.
Ulf K. werkt als striptekenaar en illustrator voor kinderboeken. De publicaties van de tekenaar en schrijver zijn omwille van hun klare en delicate tekenstijl en de poëtische vertellingen voor een tijdloos publiek voorbestemd. Ulf K's illustraties voor Martin Baltscheits boek Der kleine Herr Paul zijn zo charmant en expressief tegelijkertijd, dat ze de tekst geniaal aanvullenn.
Atak is ondertussen werkzaam als professor voor illustraties en houdt zich voornamelijk bezig met de vormgeving van kinderboeken. Voor de Franse uitgeverij Thierry Magnier heeft hij het Afrikaanse sprookje Comment la mort est revenue à la vie (2007) geïllustreerd, naar het verhaal van Muriel Bloch, en voor de Duitse uitgeverij Jacoby und Stuart heeft hij vorm gegeven aan het kinderboek Verrückte Welt (Geschifte wereld, 2009). Voor de 200ste verjaardag van Heinrich Hoffmann laat Atak, samen met Fil, één van de meest succesrijke kinderboeken van Duitsland herleven: Piet de Smeerpoes. Vrolijke verhalen en grappige plaatjes verscheen bij de Zwitserse uitgever Kein & Aber. Fils nieuwe textinterpretaties van Zappelphilipp, Hans-guck-in-die-Luft & Co. dikken de strenge moraal van de originele versie veelvuldig aan, en worden door Ataks illustraties geniaal aangevuld.
Illustratrice Nadia Budde ziet woord en illustratie als een eenheid. Het is dan ook niet te verwonderen dat haar beeldverhalen voor kinderen en jongeren zowel met stripprijzen als met literatuurprijzen bekroond worden. Voor haar boek Such dir was aus, aber beeil dich! ontving ze zowel de Max en Moritz Prijs voor de beste kinderstrip, als ook de Duitse Jeugdliteratuurprijs 2010. Of het nu om een kinder- of jeugdboek gaat, kinderstrip of een boek voor het kind in ons, volwassenen – Nadia Budde tekent spelenderwijs over de genregrenzen heen.
De Duitse striptekenaars hebben zich eindelijk kunnen emanciperen en experimenteren tegenwoordig weer met strips en illustraties voor alle leeftijdsgroepen.
Matthias Schneider
is cultuurwetenschapper, freelance cultuurjournalist en maakt filmprogramma’s en tentoonstellingen rond het thema strips.
Copyright: Goethe-Institut Stockholm
info@stockholm.goethe.org
Maart 2005

















