Snelle toegang:
Direct naar inhoud gaan (Alt 1)Direct naar secundaire navigatie gaan (Alt 3)Direct naar hoofdnavigatie gaan (Alt 2)

Cultureel erfgoed
Parkour: een nieuwe manier om monumenten te verkennen

Hoe zou het zijn om historische monumenten fysiek te beleven en te ontdekken? Parkour zou weleens dé nieuwe manier van cultuurbeleving kunnen zijn.
Hoe zou het zijn om historische monumenten fysiek te beleven en te ontdekken? Parkour zou weleens dé nieuwe manier van cultuurbeleving kunnen zijn. | Foto: © picture alliance/Radek Petrasek/CTK/dpa

Hoe zou u het vinden om de Akropolis te beklimmen, rakelings langs de Sfinx te lopen, of bovenop de muren van de dom van Keulen te balanceren? Parkoursport als cultuurbeleving: een pilootproject. 

Von Nadine Berghausen

Je vindt ze in elke stad met bezienswaardigheden: toeristen die nu eens meer, dan weer minder geïnteresseerd voor een monument of een historisch gebouw staan en die steeds weer dezelfde uitleg van de gids aanhoren. Klassieke rondleidingen zijn een bijzonder passieve vorm van cultuuroverdracht. Ook al doen sommige gidsen hun best om de informatie op een losse en vlotte manier over te brengen, toch maakt alleen al de grote hoeveelheid aan jaartallen en historische of culturele feiten dat veel mensen de belangrijke plaatsen met grote afstand en ontzag bekijken. Dat ze historische gebouwen doorgaans alleen maar mogen bekijken en niet mogen beleven, maakt die plekken voor veel mensen levenloos en ontoegankelijk. Cultuurhistorici en erfgoedexperten maken zich daar zorgen over: kritische stemmen waarschuwen voor een zogenaamd ‘musealiseringseffect’, dat sterker is naarmate het cultuurgoed belangrijker is. Kortom: hoe bekender, hoe ontoegankelijker. 

Maar wat als het mogelijk was om historische gebouwen echt te ontdekken en te beleven? Dat is precies wat een groep traceurs in de zomer van 2018 probeerde. Traceurs zijn mensen die aan ‘parkour’ doen: ze verkennen steden en de natuur niet via de bestaande, afgebakende paden, maar zoeken zelf hun weg. Hindernissen zoals muren en omheiningen overwinnen ze met doorgedreven klim- en springtechnieken, ze lopen zijwaarts door smalle ruimtes tussen twee muren of balanceren op hekken en balustrades. In Berlijn verkende een aantal het monument van de Poolse soldaat en Duitse antifascist in Friedrichshain: ze trokken zichzelf op aan stenen figuren en sprongen over bloemperken. Nog niemand had het monument ooit op zo een manier ervaren.
 

DE vrijheid om HISTORISCHE locaties ANDERS te gebruiken

De traceurs in Berlijn waren leerlingen en deelnemers aan een gezamenlijk project van het Goethe-Institut en de ParkourONE Academy, een parkourschool met vestigingen in Duitsland en Zwitserland. Het Goethe-Institut wil cultureel erfgoed en monumenten op diverse manieren toegankelijker en beleefbaar maken. De vier uur durende workshop ‘Parkour trifft Kulturerbe! Wie kann Parkour für Kulturerbe sensibilisieren?’ [Parkour ontmoet cultureel erfgoed! Hoe kan parkour mensen warm maken voor cultureel erfgoed?] deed dienst als pilootproject. 
 
Zo dicht bij het cultuurmonument te komen, het was zelfs voor de geoefende traceurs iets nieuws. “In het begin ga je met veel ontzag naar binnen, en dat raak je niet zomaar kwijt”, zegt een deelnemer. Vandaag hebben ze de vrijheid genomen om “ze anders te gebruiken en daardoor ook te waarderen”, vindt een ander deelneemster – helemaal in de zin van de boodschap die op het monument staat: “Voor hun en onze vrijheid”.
 
“Parkour volgens het TRuST-concept, waarbij parkour als educatief instrument dient, maakt het ook mogelijk om actief en doeltreffend met het cultureel erfgoed om te gaan”, zegt Martin Gessinger, plaatsvervangend rector van de ParkourONE Academy. “De locatie in kwestie wordt niet verheven tot een pantheon onder een glazen koepel, maar we gaan fysiek met de omgeving aan de slag. Anders kijkt men alleen maar naar de dingen, en misschien spreekt men er ook over, maar daar blijft het bij. Veel mensen worden niet echt geraakt.” Parkour is echter een zeer onconventionele manier om mensen met cultuur te laten kennismaken: de deelnemers ontdekken de verschillende materialen en hun eigenschappen en krijgen op die manier een totaalbeeld. “Het gaat hier om een bewuste confrontatie met sociale, historische en culturele plaatsen, waarbij respect en voorzichtigheid altijd op de eerste plaats komen.”

mag men op HISTORISCHE beelden klimmen?

Niet geheel zonder reden is parkour op culturele locaties nog niet vanzelfsprekend. Niet elk bouwwerk is immers geschikt: omwille van de monumentenzorg moeten bepaalde plaatsen beschermd worden, en ook de vraag naar een voldoende respectvolle omgang met het cultureel erfgoed dringt zich op. 
 “Is het respectloos als we daar aan parkour doen, of toon ik juist respect voor die plek door er actief mee aan de slag te gaan?” Of het kan om ergens op een gerechtvaardigde manier aan parkour te doen, moet volgens Gessinger van geval tot geval bekeken worden. Een van de belangrijkste waarden van ParkourONE is dat men op een respectvolle manier met de omgeving moet omgaan en dat men niets moedwillig kapot mag maken. Dat wordt van bij het begin aan de workshopdeelnemers geleerd. Maar ze moeten zich ook bewust zijn van het culturele belang: “In deze workshop staan we specifiek stil bij het gebruik van de locaties: waarvoor werd een gebouw of monument gebouwd, wat betekende het, wat betekent het vandaag nog?” Bij het monument voor de Poolse soldaat en Duitse anti-fascist was het niet moeilijk: deze plek is ook bij skaters populair en wordt toch al dagelijks gebruikt. 

Infobox: Parkour

Parkoursporters – traceurs genoemd – verkennen hun omgeving op een nieuwe manier: ze vermijden de paden en wegen die hen door architectuur en stedenbouw worden voorgeschoteld, en zoeken nieuwe manieren om zich voort te bewegen. Daarbij gebruiken ze de omgeving als instrument. Parkour is aan het begin van de jaren 1990 ontstaan in de voorsteden van Parijs. De pioniers waren een groepje vrienden rond de Fransman David Belle. Het begon als een speels hindernissenparcours, maar groeide uit tot een spectaculaire sport, vooral in de stedelijke omgeving, waar men hekken en omheiningen, muren en zelfs gevels ging gebruiken. Vrijwel in elke stad vindt men vandaag actieve traceurs, die de omgeving op een nieuwe manier willen beleven.

Top