Snelle toegang:

Direct naar inhoud gaan (Alt 1)Direct naar secundaire navigatie gaan (Alt 3)Direct naar hoofdnavigatie gaan (Alt 2)

Over bezorgde moeders en coole postergirls

Sinds het proces tegen de extreemrechtse terroriste Beate Zschäpe is het voor zowat iedereen duidelijk geworden dat rechtse vrouwen voor niet veel terugdeinzen, zelfs niet voor terreur. Vrouwen engageren zich in alle domeinen van nieuw en oud rechts.

Door Esther Lehnert
 

Ook hier - net als op andere maatschappelijke gebieden - heeft de rol van de vrouw een nieuwe en gediversifieerde invulling gekregen. Of het nu gaat om stijlvolle ‘postergirls’ van de organisatie ‘Identitäre Bewegung’ (IB), die bij extreemrechtse marsen graag op de eerste rij te vinden is, dan wel om extreemrechtse of rechts-populistische politica’s van de NPD of AfD, om ‘volkseigen kolonistes’, zakenvrouwen, internetactivistes of meeloopsters: allerlei soorten vrouwen vinden hier een plaats. En ze tonen zich graag van hun moderne en strijdlustige kant. Of zoals Lisa, ex-activiste bij de Identitäre Bewegung, het verwoordt in een interview voor het rechts-populistische blad Compact:

“In wezen zijn wij de echte feministes, want wij zetten ons hier en nu in voor een verbetering van de levensomstandigheden van vrouwen. Wij houden ons niet bezig met mannenhaat, taalcontrole of het herdefiniëren van problemen. (...) Wij zijn een gevaar voor de heersende ideologie, vooral wij, identitaire vrouwen.”[1]

Maar ondanks die zichtbare modernisering speelt ook het traditionele moederschap nog steeds een doorslaggevende rol. Hoe belangrijk traditionele vrouwenrollen in de context van nieuw rechts zijn, wordt duidelijk als we kijken naar de politica’s van AfD - de belangrijkste rechts-populistische partij van Duitsland - en van IB. Op sociale media zoals Instagram, in blogs en op YouTube doen zij zich graag hip en modern, cool, sexy en sportief voor, maar tegelijk staan ze helemaal achter het reactionaire gezins- en vrouwbeeld van IB. Zo lezen we, opnieuw in het tijdschrift Compact, de volgende uitspraak van een activiste:

“Ik ben zeker geen huiselijk type. Maar ik vind het goed dat vrouwen zich in de eerste plaats bezighouden met hun kinderen. Wie wil er immers kinderen om ze vervolgens in de kinderopvang te stoppen?”[2]

Wat opvalt aan het openbare politieke engagement van veel AfD-politica’s, is dat zij erin slagen om specifiek vrouwelijke thema’s te bespreken en die tegelijk een racistische lading te geven. Het hoeft niet te verwonderen dat zij zich graag voordoen als ‘bezorgde’ moeders of grootmoeders. Op die manier kunnen ze, door bijvoorbeeld ogenschijnlijke niet-politieke bezorgdheid te tonen voor hun kinderen of kleinkinderen, of door alledaagse ervaringen te delen, het politieke discours verder naar rechts verschuiven en rechtse ideeën normaliseren. Toen een geesteszieke Zwitser van Eritrese afkomst in 2019 een kind doodde door het voor een aankomende trein te duwen, reageerde parlementslid Verena Hartman (destijds lid van AfD, nu partijloos) op dit tragische incident door op Twitter te schrijven: “Mevrouw Merkel, wat wilt u ons nog allemaal aandoen? U zult nooit weten wat het betekent om een moeder te zijn, noch voor een kind, noch voor dit land! Ik vervloek de dag waarop u geboren bent!”[3]       
‘Besorgte Mütter und Großmütter’ (bezorgde moeders en grootmoeders) en ‘Mütter gegen Gewalt’ (moeders tegen geweld): zo heten twee racistische initiatieven die met name na de gebeurtenissen van oudejaarsavond 2015 in Keulen zijn ontstaan, en die inmiddels in heel Duitsland actief zijn. Die nacht werden er in Keulen heel wat meisjes en vrouwen in het openbaar aangerand. Bijgevolg hoefden de aanhangers van ‘Mütter gegen Gewalt’ niet bang te zijn om tal van protestmarsen te houden in het gezelschap van bekende neonazi’s, rechtse hooligans, rechtse criminelen, AfD- en NPD-politici en -politica’s.

Ook voor vrouwelijke intellectuelen van ‘nieuw rechts’, zoals Ellen Kositza of Caroline Sommerfeld, spelen ‘vrouwenzaken’, zoals de opvoeding van kinderen, een grote rol. Zij doen zich graag voor als verlichte anti-feministes en publiceren hierover in het neo-rechtse tijdschrift Sezession en in eigen publicaties.[4] Beiden hebben “het feminisme niet nodig” en presenteren zichzelf, zoals gebruikelijk in die scene, als slachtoffers van de ‘opiniedictatuur’ en als scherpzinnige, provocerende analistes van de huidige politieke tijd. De ‘bezorgdheid’ om de veiligheid van ‘onze’ vrouwen en kinderen blijkt een centraal thema dat de brug moet slaan naar alle geledingen van de samenleving.

Het zijn vooral deze ‘vrouwelijke’ verhalen die ervoor zorgen dat vrouwen ondanks hun aanwezigheid en hun relevantie in alle onderdelen van het rechtse landschap nog steeds over het hoofd worden gezien en niet naar waarde worden geschat. Nog steeds heerst het cliché van het ‘apolitieke meisje’ en de ‘vredelievende vrouw’. Rechts-extremisme wordt ten onrechte nog steeds als een ‘mannenprobleem’ beschouwd. Hier speelt het principe van de ‘dubbele onzichtbaarheid’[5]: meisjes en vrouwen worden nog steeds geacht minder politiek geëngageerd te zijn, en zijn ze het toch, dan in geen geval binnen rechtse structuren.

[1] Dassen 2017: 14, 16,  Dassen, Marc 2017: Jung, wild, patriotisch. Marc Dassen im Gespräch mit Mädels der Identitären Bewegung (ID). In: Compact Nr. 2/2017. p. 14-16.
[2] Idem p.16.
[3] Tweet van 29 juli 2019, Verena hartmann twitter 2019
[4] Bijv. Ellen Kositza (2016): Die Einzelfalls - Warum der Feminismus ständig die Straßenseite wechselt, Schnellroda, Caroline Sommerfeld (2019): Wir erziehen- 10 Grundsätze, Schnellroda.
[5] Esther Lehnert/ Heike Radvan (2016): Rechtsextreme Frauen. Analysen und Handlungsempfehlungen für Pädagogik und Soziale Arbeit, Berlin, Opladen, Toronto.
 

Top