Doris Dörrie Boeddhistisch geïnspireerde kroniekschrijfster van het heden

Regisseurin Doris Dörrie
Regisseurin Doris Dörrie | Foto (Ausschnitt): © 2014 Constantin Film Verleih GmbH

Sinds haar succesvolle comedy Männer uit 1985 behoort Doris Dörrie tot de bekendste Duitse filmmakers. Een portret van een eigenzinnige, creatieve regisseur die van beroep verhalen verzamelt.

In 1985 werd de Duitse filmwereld opgeschud door een aankomend regisseur van nog maar net dertig. In haar gendercomedy Männer nam Doris Dörrie de ijdelheden van zowel eerzuchtige yuppies als nonchalante drop-outs onder de loep en gaf daarmee een treffend beeld van de tijdgeest van de jaren 80. Zo lichtvoetig en tegelijk intelligent had nog niemand die tijdgeest beschreven. Met deze kleine comedy bracht de jonge filmmaakster iets tamelijk zeldzaams in de Duitse filmwereld tot stand: een film van niveau, waarmee je je toch kostelijk kon amuseren. Männer trok alleen al in Duitsland vijf miljoen bezoekers en leidde tot een nieuwe golf relatiecomedy’s. De in 1955 in Hannover geboren nieuwkomer groeide uit tot de nog altijd bekendste regisseur van Duitsland.

Cultuur mag ook leuk zijn

Maar Dörrie, die in die tijd net als haar antiheld Stefan uit Männer in een woongemeenschap woonde, liet zich in tegenstelling tot deze laatste het succes niet naar het hoofd stijgen. In plaats van zich vast te leggen op het beproefde recept van de feelgoodcomedy, bewees ze zich in haar volgende 17 bioscoopfilms (en talrijke televisiefilms) als een eigenzinnige filmmaakster, die onconventioneel durfde te zijn. In Männer ging ze al tegen de conventies in, omdat ze brak met het wellicht typisch Duitse, arrogante dogma dat een film van niveau niet onderhoudend mag zijn. ‚Daarachter zit het idee dat het niet cultureel genoeg is als ik me amuseer. Dat is helaas ontzettend dom en vervelend.‘ Dörrie, die op haar achttiende film en theater in Amerika ging studeren, heeft zich daarentegen de Anglo-Amerikaanse denkwijze eigengemaakt om in de eerste plaats ‚een goed verhaal te vertellen‘. Dit credo deelde ze met een andere succesvolle Duitse filmmaker, de producent Bernd Eichinger, wiens carrière in diezelfde tijd eveneens een hoge vlucht nam en die ook maling had aan de vermeende kloof tussen kunst en mainstream.

Van Schwabing naar Japan

Eichinger was in 1988 producent van Dörries relatiecomedy Ich und Er, haar tot nu toe enige in de VS opgenomen film. ‚Bernd wilde een grote film maken, ik een kleine. Jij wilde Schwabing en ik de wereld, verweet hij me later,‘ beschrijft Dörrie haar conflictueuze samenwerking met de in 2011 overleden filmmaker, met wie ze desondanks een levenslange vriendschap onderhield. Inderdaad maakte Dörrie na Ich und Er weer kleinere films. In een zowel professioneel als privé gelukkige relatie met cameraman Helge Weindler maakte ze de krimi Happy Birthday, Türke! (1992) en de singlecomedy Keiner liebt mich (1995). Maar na Weindlers overlijden in 1996 tijdens de opnames van de episodische film Bin ich schön? belandde de regisseur in een diepe crisis. In die periode van rouw begon ze zich voor het zenboeddhisme en meditatie te interesseren. Sindsdien vormt haar belangstelling voor het boeddhisme een andere constante in haar werk. Het leidde ertoe dat Dörrie haar films Erleuchtung garantiert (2000), Der Fischer und seine Frau (2005) en Kirschblüten – Hanami (2008) deels in Japan opnam.

Met een notitieboekje de polsslag van de tijd voelen

‚Alles Inklusive‘ - Interview met Doris Dörrie (Video)

Maar wat is het precies dat haar films ondanks de uiteenlopende thema’s zo onmiskenbaar Dörrie maakt? Het is haar integere aandacht voor mensen in hun dagelijks leven, vol empathie, maar ook met schalkse humor. Dörrie is een kroniekschrijfster van het heden, een geduldige verzamelaarster, die, altijd met een notitieboekje bij de hand, haar vinger probeert te leggen op het veranderende burgerlijke bewustzijn in al zijn treurige, komische en ook groteske facetten. Zo draait haar relatiefilm Nackt (2002) om drie jonge Berlijnse stellen, die op een lachwekkend hysterische manier stuklopen op de tegenstelling tussen het streven naar status en de zoektocht naar geluk en naar de zin van het leven. Ik ben gek op de tegenstrijdigheden van het leven en heb altijd al het gevoel gehad dat in tragische situaties een komisch element zit, en omgekeerd,‘ zegt de regisseur. Ze geniet ervan haar personages in verwarrende situaties terecht te laten komen waarin ze zichzelf opnieuw moeten uitvinden. In de roadmovie Erleuchtung garantiert stranden twee mannen in een boeddhistisch klooster in Japan, waar ze worden geconfronteerd met de leugens in hun leven. Ook in een van haar meest geprezen films, Kirschblüten – Hanami, wordt de hoofdpersoon, die naar het droomland van zijn overleden vrouw reist, door Japan ‚overvallen‘, zoals Doris Dörrie zelf het ontstaan van haar fascinatie voor het land in het verre oosten heeft beschreven. In de sociale comedy Die Friseuse (2010) observeert ze met dezelfde nieuwsgierige blik een Oost-Berlijnse systeembouwflat, in de tragikomedie Alles Inklusive (2014) de lachwekkende details van een all inclusive-hotelcomplex in de Spaanse badplaats Torremolinos en in Dieses schöne Scheißleben (Que Caramba Es La Vida, 2014) volgt ze in een soort documentaire het leven van Mariachi-vrouwen in Mexico-Stad.

Van literatuur naar film

‚Glück‘ van Doris Dörrie (Trailer)

Aan deze bijna meditatieve observatie van plaatsen en karakters, vaak vol verfijnde symboliek, gaat altijd een literaire voorbereidingsfase vooraf. Want de maakster van auteursfilms, die voor haar oeuvre alle belangrijke filmprijzen in de wacht heeft gesleept, is eigenlijk schrijfster. Vanaf het begin schrijft ze haar draaiboeken zelf, behalve dat van de film Glück (2012). Maar pas vanaf 1987 durft ze het aan ook korte verhalen en romans te publiceren. Veel films, zoals Alles Inklusive, zijn dus bewerkingen van haar eigen romans. Inmiddels is Doris Dörrie ook aan een derde carrière begonnen, als operaregisseur. Maar als ze voor de keuze werd gesteld, zou ze voor het schrijven kiezen. Want ‚de film in je hoofd is iets wat niemand je kan afpakken‘.