In memoriam Helmut Kohl geloofde in de culturele dimensie van Europa

Helmut Kohl, Hilmar Hoffmann en Bernhard Vogel, minister-president van Thüringen in 1996 in Weimar bij de opening van het eerste Goethe-Institut in de nieuwe bondsstaten. | Foto: Ralf Hirschberger/picture-alliance
Helmut Kohl, Hilmar Hoffmann en Bernhard Vogel, minister-president van Thüringen in 1996 in Weimar bij de opening van het eerste Goethe-Institut in de nieuwe bondsstaten. | Foto: Ralf Hirschberger/picture-alliance | Foto: Ralf Hirschberger/picture-alliance

Met de dood van de oud-kanselier Helmut Kohl verliest het Goethe-Institut een vriend en pleitbezorger. Het tijdperk Kohl was in meerdere opzichten ook richtingbepalend voor het werk van het Goethe-Institut, met name in de jaren na de Wende.
 

Een van de belangrijkste gezamenlijke mijlpalen was de benoeming van Hilmar Hoffmann tot voorzitter van het Goethe-Institut in 1993. Het Goethe-Institut had op dat moment 135 vestigingen in 75 landen. Op het eerste gezicht lijkt het verwonderlijk dat Kohl met de voormalige Frankfurtse chef cultuur uitgerekend een spd'er koos. Hoffmann vertelt in een interview met de Frankfurter Neue Presse dat partijpolitieke strategieën bij zijn benoeming geen enkele rol speelden, helemaal nadat hij de kanselier met Hölderlin had weten te imponeren: 'Tijdens een vlucht naar Zuid-Afrika droeg ik een paar verzen voor.' Volgens hem had de historicus Kohl zich verbaasd over ‘die rooie rakker die z'n klassieken zo goed kende'.
In de bijna tien jaar onder leiding van Hoffmann werden er twaalf nieuwe Goethe-Instituten geopend, onder andere in steden van politieke betekenis zoals Ramallah, Hanoi, Peking, Dresden en Weimar. Ter gelegenheid van het zestigste jubileum van het Goethe-Institut noemde Hoffmann toen hij werd gevraagd naar de gelukkigste momenten uit zijn loopbaan onder andere 'een kort, door Helmut Kohl geïnitieerd gesprek met Nelson Mandela over de oprichting van een Goethe-Institut in Johannesburg.'
Secretaris-generaal van het Goethe-Institut Johannes Ebert ontmoette Helmut Kohl voor het eerst in 1995: 'Hij kwam toen de 750.000ste student van het Goethe-Institut in Mannheim begroeten en hield een indrukwekkende toespraak over het belang van dialoog, culturele samenwerking en betrouwbaarheid en benadrukte dat wij Duitsers ook van anderen moeten leren. Veel van deze begrippen zijn nog steeds hoogst actueel voor ons, met name in de huidige turbulente tijden in Europa, die ons weer doen beseffen hoe groot de bijdrage van de Europeaan Helmut Kohl voor een verenigd Europa was.'
 
‘hij hield van boeken’
In 1996 opende de kanselier het Goethe-Institut in Weimar. In meerdere opzichten een historisch moment. Het was tenslotte het eerste instituut in de nieuwe bondsstaten en bovendien op de plek waar de naamgever van het instituut woonde en werkte. 'Met het Goethe-Institut in Weimar heeft het initiatief om meer aandacht te besteden aan de betekenis van de klassieken en het culturele erfgoed voor de huidige tijd, gestalte gekregen,' zei Kohl in zijn openingstoespraak. 'Dit voorbeeld verdient navolging.' Duitsland had tenslotte een ‘brengschuld’ jegens zijn partners in de hele wereld: 'Ook voor een Fransman, een Brit en een Italiaan horen Beethoven en Brahms, Lessing en Heine, Schiller en Goethe bij een realistisch beeld van Duitsland.' Geheel in de geest van het Goethe-Institut hield Kohl een pleidooi voor de 'culturele dimensies van de Europese eenwording.'
 
De huidige voorzitter van het Goethe-Institut, Klaus-Dieter Lehmann, heeft ook een herinnering aan een bijzondere ontmoeting met de kanselier in zijn tijd als hoofd van de nationale bibliotheek: 'Ik mocht in 1997 met Helmut Kohl het nieuwe gebouw van de Deutsche Bibliothek in Frankfurt inwijden. Hij hield zo van boeken dat de hele feestelijke opening bijna in het honderd liep doordat hij tijdens de rondleiding steeds in de boeken bleef staan neuzen en we bijna te laat kwamen. Toen ontstond ook het idee voor een Europese bibliotheek: de literaire canon van alle afzonderlijke EU-landen moest in alle Europese talen vertaald worden en die bibliotheek moest in elk EU-land beschikbaar zijn. Helmut Kohl geloofde in de kracht van de literatuur. Dat moet ook de richtlijn zijn voor het Goethe-Institut en de Europese uitgevers.'