Snelle toegang:
Direct naar inhoud gaan (Alt 1)Direct naar secundaire navigatie gaan (Alt 3)Direct naar hoofdnavigatie gaan (Alt 2)

Het Bauhaus in het hoger onderwijs
Een wereldwijd verspreide erfenis

Hedendaags onderwijs volgens historische principes: aan de Bauhaus-Universiteit in Weimar wordt tot vandaag onderwezen volgens de onderwijsbeginselen van het Bauhaus
Hedendaags onderwijs volgens historische principes: aan de Bauhaus-Universiteit in Weimar wordt tot vandaag onderwezen volgens de onderwijsbeginselen van het Bauhaus. | Foto (fragment): © picture alliance/ dpa/ Jens Wolf

De idealen van de Bauhaus-school hebben niet alleen wereldwijd design en architectuur beïnvloed, maar ook de grondslagen van het onderwijs veranderd. In Weimar, waar het Bauhaus werd opgericht, verloopt het universitair onderwijs tot vandaag volgens de principes van de stichters. Andere instellingen in de geest van het Bauhaus moesten echter de deuren sluiten.

Von Wolfgang Mulke

Op het plein tussen de gebouwen van de Bauhaus-Universiteit in Weimar genieten studenten van een babbel in de laatste herfstzon, als Hagen Höllering aankomt. De architect is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het Institut für Darstellingsmethodik. Het onderwijs aan de hogeschool verloopt ook vandaag nog volgens de beproefde Bauhaus-traditie, de designschool die in de jaren 20 de basisbeginselen van kunst en architectuur herdefinieerde. “Zoals destijds wordt een zo breed mogelijke, interdisciplinaire kijk op de wereld gevraagd, nog steeds zoeken we in kunst, architectuur, stedenbouw en media naar een passende reactie op de actualiteit”, aldus Höllering, die zelf ook hier studeerde. Niet de concrete thema’s van de eerste Bauhaus-generatie, maar de geest van de groep heeft volgens hem de tijd overleefd. “Op de voorgrond staat telkens de confrontatie met actuele uitdagingen.”

Wat op het eerste gezicht een vaag cliché lijkt, laat zich met een concreet voorbeeld snel verduidelijken. Jens Richter bijvoorbeeld, oprichter van het bedrijf PolyCare uit Thüringen, is zeer enthousiast over zijn samenwerking met de Bauhaus-Universiteit. Zijn belangrijkste product werd samen met de vaklui van de universiteit ontwikkeld: een eenvoudig op te trekken huis uit stenen van woestijnzand. Ze zien eruit als grote Lego-blokken maar zijn wel degelijk een innovatie, omdat dit materiaal eigenlijk als onbruikbaar gold. “Zo kunnen we in noodgebieden snel bijdragen tot de wederopbouw of de situatie in krottenwijken verbeteren”, zegt Richter. In Namibië wil de regering met dit materiaal 25.000 woningen voor behoeftigen bouwen. Technisch slim, esthetisch functioneel, goedkoop en sociaal wenselijk – het huis uit woestijnzand had zeker ook de Bauhaus-oprichter en architect Walter Gropius kunnen bekoren.

DE VIER BASISPRINCIPES VAN HET leren

Gropius werd begin 1919 benoemd tot directeur van het Bauhaus en vaardigde precies deze richtlijnen uit. Hij riep op om zich te beperken tot de basisvormen en -kleuren, tot eenvoud in de verscheidenheid en tot een spaarzaam gebruik van ruimte, materiaal, tijd en geld. Die principes worden vandaag nagestreefd bij de ontwikkeling van bijna alle producten, van smartphones tot kantoorgebouwen.

Na zijn gedwongen emigratie naar de VS werd Bauhaus-stichter Walter Gropius onder meer verantwoordelijk voor de bouw van de MetLife Buildings, het vroegere Pan Am gebouw in Manhattan, New York. Na zijn gedwongen emigratie naar de VS werd Bauhaus-stichter Walter Gropius onder meer verantwoordelijk voor de bouw van de MetLife Buildings, het vroegere Pan Am gebouw in Manhattan, New York. | Foto: © picture alliance/ Arcaid In die zin dicht kunsthistoricus en kunstpedagoog Rainer Wick (Universiteit Wuppertal), die de onderwijsmethode van het Bauhaus intensief onderzocht, hen een richtinggevende rol toe. “Het Bauhaus gaf doorslaggevende impulsen.” Vier richtlijnen bepaalden volgens hem de opleiding. Hun eerste principe luidde: “van nul beginnen”, ofwel vrij van academische ballast de opdracht aanvatten. “Learning by doing” en “trial and error” waren het tweede en derde principe. Ten slotte leerden de studenten om hun competenties en vaardigheden bij concrete projecten te ontwikkelen: het onderscheid tussen beroepsonderwijs en academische vorming werd opgeheven, aldus Wick. Essentieel daarbij is dat het Bauhaus uitging van een holistisch mensbeeld, waarbij het cognitieve, affectieve en motorische in gelijke mate meetelden.

In de loop van de tijd hebben zich steeds opnieuw instellingen van hoger onderwijs op deze Bauhaus-principes beroepen, maar niet allemaal konden ze overleven. De voormalige Bauhaus-scholier Max Bill richtte al in 1953 samen met andere designers en kunstenaars de Hochschule für Gestaltung (HfG - Hogeschool voor Design) op in Ulm. De hogeschool trok studenten aan uit de hele wereld, maar moest in 1968 wegens financiële problemen sluiten. In 1970 nam onder meer de Hochschule für Gestaltung in Offenbach veel van het onderwijsconcept van de HfG in Ulm over.

DE ERFGENAMEN IN DE VERENIGDE STATEN

Het beslissende succes van het Bauhaus is volgens Wick zeker ook het gevolg van de emigratie van veel docenten naar de V.S. “Gropius slaagde erin de meest toonaangevende kunstenaars van zijn tijd rond zich te verzamelen.” Toen veel “Meister” en kunstenaars door de nazivervolging in ballingschap moesten vluchten, begon de wereldwijde verspreiding van de Bauhaus-onderwijsprincipes. Door hun emigratie waaierden hun ideeën uit over Zweden, Zuid-Amerika en vooral de Verenigde Staten. Gropius verliet het Bauhaus in 1928 en emigreerde in 1934, eerst naar Groot-Brittannië en later naar de VS. Hij was er onder meer mee verantwoordelijk voor de bouw van de MetLife Buildings, het vroegere Pan Am gebouw in Manhattan. De Hongaar László Moholy-Nagy, een van de belangrijkste fotografen en typografen aan het Bauhaus, vluchtte eveneens in 1934 naar de VS. In 1937 werd hij in Chicago de stichtend directeur van de hogeschool New Bauhaus, die tot vandaag verder bestaat als het Institute of Design aan het Illinois Institute of Technology.

Een voormalige “Bauhausmeister” aan het Black Mountain College: Josef Albers (rechts). Een voormalige “Bauhausmeister” aan het Black Mountain College: Josef Albers (rechts). | Foto: © State Archives of North Carolina Raleigh, NC Het was echter vooral het kunstenaarscollectief aan het Black Mountain College in North Carolina dat de erfenis van Weimar opnam. De kunstenaar Josef Albers emigreerde in 1933 vanuit Weimar naar het college, waarna andere kunstenaars, musici en wetenschappers volgden. De docenten aan het college konden zelf onafhankelijk het onderwijs vormgeven en stelden niet de methodes, maar de feiten centraal in het leerproces. De hogeschool ontwikkelde zich in de jaren 40 tot een van de toonaangevende interdisciplinaire hogescholen, waar onderwezen werd in diverse kunstdisciplines, maar ook in economie en fysica. Meerdere “Bauhausmeister” zoals Walter Gropius, musici als John Cage of de wiskundige Max Dehn doceerden daar en zelfs Albert Einstein was gastdocent. Toen tijdens de Koude Oorlog sommige personeelsleden verdacht werden van communistische sympathieën en geldschieters vervolgens afhaakten, moest de school in 1957 sluiten.

 

“DE BAUHAUS-TRADITIE leert ons MOED EN VERANTWOORDELIJKHEIDSZIN”

Interview met Prof. Dr. Winfried Speitkamp, voorzitter van de Bauhaus-Universiteit in Weimar.

Professor Speitkamp, wat is het verschil tussen uw universiteit en andere instellingen van hoger onderwijs?

Wij zijn zeker de enige universiteit in Duitsland die genoemd is naar een concept en een stijlrichting. Dat nemen wij ook zeer serieus. Niet in de zin van een simpele voortzetting van de traditie, maar als vernieuwing van de daarmee verbonden vragen: hoe kunnen we vandaag techniek, wetenschap en vormgeving verbinden, hoe creëren we een leefbare omgeving? Welke nieuwe uitdagingen – zoals bijvoorbeeld artificiële intelligentie – vragen om nieuwe antwoorden?

Zijn er verder nog instellingen van hoger onderwijs in Duitsland of elders die zich op de Bauhaus-traditie beroepen of vanuit die traditie werden opgericht?

Natuurlijk bestaan er veel kunstscholen, waaronder onze internationale partners zoals de School of the Art Institute of Chicago en het Pratt Institute in New York, die intensief de dialoog met de Bauhaus-traditie aangaan zonder er zich daarom ook toe te verplichten. Net die diversiteit van omgang met en duiding van de Bauhaus-erfenis is bijzonder interessant.

Welke concrete inzichten van de Bauhaus-oprichters vinden we vandaag terug in het algemene onderwijs?

Onderwijs, inhoud en methode hebben zich verder ontwikkeld. Maar het idee om techniek, ambacht, wetenschap en vormgeving samen te beschouwen en onderling te verbinden, blijft ook in het onderwijs fascinerend en actueel. Het is zoals met zoveel ideeën uit de grote hervormingstijd rond 1900, waar ook de wortels van het Bauhaus liggen: de uitgangspunten van de jeugdbeweging, de hervormde pedagogie, de beweging rond natuurgeneeskunde, het vegetarisme, de tuinsteden en van veel andere hervormingsinitiatieven werken tot vandaag door, ook wanneer we dat dikwijls niet meer beseffen.

Welke rol kan de Bauhaus-traditie spelen in de huidige, snel wisselende tijd en waar kunnen we innovatieve en revolutionaire ontwikkelingen verwachten?

De Bauhaus-traditie leert ons moed en verantwoordelijkheidszin voor de vormgeving van het heden. Net in deze snel veranderende wereld biedt ons dat een aanknopingspunt. Het Bauhaus wilde niet terug naar een geïdealiseerd verleden, zoals bijvoorbeeld de beweging ter bescherming van de eigen geboortestreek of het historicisme. Het Bauhaus wilde in de moderniteit een andere moderniteit bedenken en mogelijk maken. Precies dat is ook vandaag onze opdracht. Hoe kunnen we alle aspecten van hedendaagse maatschappelijke verandering zo vormgeven dat we een leefbare omgeving en sociale verbondenheid garanderen? Als plek voor onconventionele concepten en oplossingen kan de Bauhaus-universiteit hier een voortrekkersrol spelen.
 

Top