Minder bezitten, beter benutten

Henry Mentink, leiding myeheels
Henry Mentink, leiding myeheels | Foto: © Myeheels

Wat doe je als je net voor jezelf bent begonnen en staat te trappelen om aan de slag te gaan - maar een auto nodig hebt, die je je (nog) niet kunt permitteren omdat je elke cent moet omdraaien?

Heel eenvoudig, zegt Henry Mentink (1953), een lange, tengere man met donkerblond haar, een zilverkleurig brilletje en een brede glimlach: ‘Je vraagt de buren of ze zin hebben om samen een auto aan te schaffen en die dan te delen.’

Een auto wordt gemiddeld één uur per dag gebruikt

Dat heeft de Nederlandse ondernemer in 1993 zelf ook gedaan en daarmee heeft hij de grondsteen gelegd voor ‘My Wheels’: een stichting met op het moment tienduizenden leden, die een auto lenen of hun eigen auto uitlenen aan anderen – weken, dagen, of soms maar een uurtje. ‘Maar net wat je nodig hebt,’ legt Mentink uit. ‘Een kleine auto voor in de binnenstad of een stationwagen voor de wintersport.’

Minder autobezit, beter gebruikmaken van de auto’s: dat was en is de missie van Mentink, en daarvoor ontving hij in 2009 op de ‘Dag van de Duurzaamheid’ een ‘groen lintje’ van de minister van Milieu.

Want verreweg de meeste auto’s staan verreweg de meeste tijd stil – ook de acht miljoen auto’s die de dik zeventien miljoen Nederlanders samen bezitten: gemiddeld wordt een auto maar één uur per dag gebruikt. Bovendien ontlast carsharing het milieu: ‘Wie een auto deelt of er een leent, rijdt tot 30 procent minder en zorgt daarmee ook voor 30 procent minder CO₂-uitstoot,’ rekent Mentink voor. ‘Bovendien zorgt het voor minder geparkeerd blik en maakt het de wijken ruimer en kindvriendelijker!’

Aansprekende vormgeving voor Wereldwinkels

Het was eigenlijk via een omweg dat Mentink oprichter werd van een carsharing-onderneming. Als student al wilde de geëngageerde West-Fries zijn medemensen ertoe aanzetten verantwoordelijker om te gaan met de planeet waarop we leven. Zo kwam het dat hij in 1993 op veertigjarige leeftijd het risico nam om voor zichzelf te beginnen, met een adviesbureau op het gebied van duurzaamheid. Twaalf jaar had hij een vaste baan gehad, eerst bij een farmaceutisch bedrijf, daarna bij een internationale groente- en bloemzaadhandel. Nu wilde hij in zijn woonplaats, het West-Friese Grootebroek, een eigen adviesbureau beginnen, ‘om mijn groene en sociale ideeën in praktijk te brengen,’ aldus Mentink.

Zijn eerste opdracht haalde hij zelf binnen. Het begon allemaal met een bezoek aan de Bijenkorf in Rotterdam. Het viel Mentink op hoe mooi en aanlokkelijk de producten hier werden aangeboden en hij moest denken aan zijn favoriete winkel: het filiaal van de Wereldwinkel in Grootebroek. Die lag verscholen in een achterafstraatje in het dorp, en het assortiment werd – op zijn zachtst gezegd – niet bepaald spectaculair aangeboden en ook nog met zeer beperkte openingstijden. ‘Je kreeg in elk geval niet echt zin om er iets te kopen,’ stelt Mentink.

Autosleutels onder deurmatten en bloembakken
Dat moest anders, vond de jonge ondernemer. Samen met acht vrijwilligers lukte het hem 100.000 gulden, ca. 45.000 Euro, bij elkaar te brengen. Met dat geld gaf hij ‘zijn’ Wereldwinkel een grondige make-over. Na de metamorfose werd het filiaal prompt het lichtende voorbeeld voor alle 350 andere Wereldwinkels in het land, die het voorbeeld intussen hebben gevolgd.

Van bureninitiatief tot professionele stichting

Dat Mentink indertijd kon beschikken over een auto, waar hij bij dit eerste project niet zonder kon, heeft hij te danken aan zijn buren: drie gezinnen in zijn buurt waren bereid samen met hem een auto aan te schaffen en te delen. ‘Dat ging allemaal heel onbureaucratisch,’ herinnert hij zich. ‘We verstopten het sleuteltje onder de deurmat of onder een bloembak naast de voordeur.’

En ook dit voorbeeld werkte aanstekelijk: tien jaar later, in 2003, hadden ze niet één, maar zes auto’s en deden geen vier, maar veertig gezinnen mee. ‘De hoogste tijd om het allemaal te professionaliseren.’
Mentink veranderde het privé-initiatief daarom in een coöperatieve vereniging met de naam ‘Wheels4all’. Wie wilde investeren mocht als tegenprestatie gratis rijden: ‘Voor twee euro kreeg je één kilometer.’ Zo konden in de loop der jaren honderdtwintig auto’s worden aangeschaft.

In 2010 kreeg de vereniging de status van een stichting en sindsdien heet zij ‘MyWheels’. Elke autobezitter in Nederland kan nu zijn eigen auto aanbieden om uit te lenen. Het zijn er intussen tweeduizend. En zo’n dertigduizend mensen hebben zich ingeschreven en al gebruikgemaakt van de mogelijkheid een auto te gebruiken zonder er zelf een te bezitten.

Delen heeft de toekomst

Mentink zelf heeft alweer nieuwe doelen gesteld: hij heeft bedacht dat je niet alleen auto’s kunt delen, maar ook huizen; samen met andere belangstellenden heeft hij een nieuwe stichting opgericht, om een romantisch, maar vervallen veerhuis te kopen en te veranderen in een kunst- en cultuurcentrum en tevens een inspiratieplek waar nieuwe ideeën over delen kunnen ontstaan.
Want ‘wij hebben te veel bezittingen. Dat kunnen we ons helemaal niet meer veroorloven. Daarom voorspelt hij een nieuwe gezamenlijkheid, nieuwe vormen van gemeenschap. Want ‘delen heeft de toekomst,’ daarvan is hij overtuigd.