Taal en politiek bij de IDT Meer dan Duits alleen

Motto van de IDT: “Bruggen bouwen”
Motto van de IDT: “Bruggen bouwen” | Foto (detail): © Colourbox

In de zomer van 2017 vindt de 16e Internationale Tagung der Deutschlehrerinnen und -lehrer (IDT) (internationaal congres van leraren Duits) plaats. Marianne Hepp, voorzitter van de Internationale Deutschlehrerinnen- und Deutschlehrerverband (internationale bond van leraren Duits), spreekt vooruitblikkend over meertaligheid, het gevarieerde karakter van het Duits en de voordelen van een controverse discussie.

Om te beginnen met een wat provocerende vraag: als we de onderwerpen van de eerste internationale conferentie voor leraren Duits in 1967 en de onderwerpen van de IDT van dit jaar bekijken, dan is een groter verschil nauwelijks mogelijk. Van “Problemen van het DaF” tot “Bruggen bouwen – met Duits verbinden”, van een probleem(oplossings)geörienteerde tot een affirmatieve benadering. Is de wereld van vandaag zo mooi en goed?
 

Deze vraag heb ik mezelf ook gesteld. Het onderwerp van de eerste conferentie klinkt merkwaardig: “Problemen van het DaF”. Daarom heb ik overlegd met collega’s van vroegere besturen. Destijds verstond men hieronder daadwerkelijk structurele, grammaticale onderwerpen zoals het volgens de regels plaatsen van de vervoegde werkwoordsvorm in de zin. Men bedoelde dus dus niet in de eerste plaats politieke onderwerpen. Die had men ook niet zo gemakkelijk aan de orde kunnen brengen, want de situatie in het gedeelde Duitsland liet dat niet zonder meer toe. De eerste conferentie was in München, de tweede in Leipzig. Dat was geen toeval, want in München stond het hoofdkantoor van Goethe-Institut en in Leipzig was het Herder-Institut gevestigd. Het politieke aspect speelde dus op een ander niveau een rol. Later werden ook andere landen in de rotatie opgenomen en werd de conferentie in Salzburg, Bern en Budapest georganiseerd.
 
Dus bruggen bouwen door de keuze van het land en de stad?
 

Precies. Voor de IDT 2017 kozen we de brug als thema. Vandaag willen we het onderwijzen van de Duitse taal niet meer negatief vanuit het probleemperspectief zien, maar positief vanuit het gezichtspunt van de verbinding. Een brug betekent hier natuurlijk ook een brug tussen theorie en praktijk – wat overigens niet altijd zo is geweest. Nieuw is in deze context overigens de brug naar meertaligheid. Men beschouwt het Duits niet meer als een concurrent van andere talen, maar als een stem in een koor van talen. De taalculturen van de wereld zoeken steeds meer toenadering. Bovendien zijn er veel landen waarin meerdere talen worden gesproken. Dat wordt steeds bewuster waargenomen.
 
Dat betekent dat de nadruk veel sterker op culturele aspecten ligt?
 

Absoluut. We hebben nu een grote verscheidenheid aan onderwerpen, die bij iedere IDT verder groeit. Zo zijn er maar liefst 9 vakpodia en 36 secties. Bijzondere aandachtspunten zijn onderwerpen als het cultuuronderwijs, kennis van het land en volk, onderzoek naar meertaligheid en digitaal leren. Dus de multiculturele aspecten van het leren, de mediadidactiek: hiervoor is veel belangstelling, het aantal ingeschreven deelnemers groeit voortdurend.
 
Is de beslissing om de taalpolitieke onderwerpen aan het begin te zetten, bewust als boodschap aan de politiek bedoeld, in de trant van: “Wij zijn hier niet alleen om van gedachten te wisselen, maar willen de richting aangeven en eisen stellen”?
 

Dat is nieuw aan deze IDT. Podia, die vroeger deels gescheiden waren, staan nu samen aan het begin. Een van de doelen van de conferentie is het presenteren van een taalpolitieke resolutie. Hiermee zijn al ruim een jaar lang elf specifieke werkgroepen bezig. Het doel is een oproep aan de politiek te doen met aanbevelingen voor het stimuleren van de Duitse taal op de hele wereld en het meertalige concept en het ondersteunen van de professionele activiteiten van de leraren Duits.
 
Welke mogelijkheden heeft u dan om deze eisen kracht bij te zetten?
 

Zulke taalpolitieke resoluties moeten herhaaldelijk naar buiten worden gebracht, er is geduld voor nodig. En de uitwerking is natuurlijk duidelijk groter als de beslissers zelf ter plaatse aanwezig zijn of waren.
 
Behalve deze meer omvattende, sterker op de organisatie geörienteerde onderwerpen zijn er ook vernieuwingen op het praktische vlak: meekijken bij het werk van leraren. Kunt u verduidelijken wat hiermee bedoeld wordt?
 

Dat zijn de didactische exposities, een volledig nieuw formaat. Docenten Duits van over de hele wereld presenteren met korte films hun werk in eigen cursussen, in hun eigen land. Dat kan bijvoorbeeld iemand uit India zijn. Daar zijn bestaan de klassen uit 50 tot 80 personen. De docenten moeten hiervoor een heel bijzondere groepsdidactiek bedenken. De films laten zien hoe verschillend de uitgangssituaties zijn. De docenten willen hiermee een discussie in het leven roepen over wat op internationaal niveau goed of minder goed wordt gevonden.

“Inspiratie voor een boeiende discussie” “Inspiratie voor een boeiende discussie” | Foto: © Gérard Staron - plainpicture In dezelfde richting gaat ook een andere nieuwe feature: lezingen als co-presentaties, dus twee sprekers over een thema met discussie. Is het ook hier de bedoeling om iets meer in de richting van de controverse te gaan?
 

Zeker. Ook dat was een goed idee van de organisatoren in Freiburg. Hierbij houden twee sprekers een presentatie over verschillende aspecten van een gemeenschappelijk onderwerp. Ze presenteren de inhoud na elkaar en vanuit hun eigen perspectief. Als bijvoorbeeld een Zwitser en een Hongaarse over een onderwerp spreken dat ze onder heel uiteenlopende randvoorwaarden uitvoeren, dan bewijst dat hoe verschillend hetzelfde onderwerp kan worden benaderd. Wij hopen dat dit inspiratie voor boeiende discussies geeft.
 
We hebben al over de geschiedenis gesproken, over de rotatie en de steden waar de conferentie wordt georganiseerd. Is hierin de trend te herkennen, dat de variatie binnen de Duitse taal steeds meer aandacht krijgt? Is er inmiddels een nauwere band tussen deze rotatie van de steden en het perspectief op de regionale verschillen van het Duits?
 

Deze gedachte ligt de IDV na aan het hart. De overkoepelende organisatie heeft er zich vanaf het begin voor ingezet het schoolboekenbeleid in deze richting te ondersteunen. Vandaag komt in alle schoolboeken de grote variatie van het Duits aan bod. De IDV heeft al in 2007 een DACHL-AG opgericht. Dit is een steeds groter wordende werkgroep van de Duitstalige landen Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en Liechtenstein. Bovendien is het belangrijk dat volgens een roterend principe meer landen worden opgenomen waarin Duits een rol speelt. Bijvoorbeeld Hongarije, waar al in 1983 een IDT heeft plaatsgevonden. Dat was geen toeval, want in Hongarije zijn er Duitse ‘taaleilanden’. Het is denkbaar om ook in de toekomst conferentieplaatsen te kiezen waar het Duits in een andere vorm dan de moedertaal een belangrijke rol speelt.
 
Wat dan tot uiting zou komen in het programma, zoals momenteel in Fribourg ofwel Freiburg het geval is? Er wordt immers bewust op gewezen dat deze stad een taalgrens tussen het Duits en Frans vormt.
 

Ja. Bij de IDT in de Italiaanse stad Bozen was dit al goed te zien. De deelnemers waren erg positief over het feit dat de IDT in een regio plaatsvond waarin Duits één van meerdere talen is, waar de talen naast elkaar bestaan. Ik kan me goed herinneren wat een Indiase vrouw vertelde: “Dat is zoals bij ons, alleen hebben wij zeven talen. Dat is heel gewoon voor ons en het doet me goed om te zien dat dit ook voor de Duitse taal kan gelden.”
 
Tot slot nog een actueel onderwerp: Hoe groot is de belangstelling bij de IDT voor de situatie met de vluchtelingen en de grote vraag naar Duits-onderwijs, die hiermee samengaat?
 

Wij hebben bij onze aangesloten verenigingen gericht gevraagd naar de interesse in dit onderwerp. Het bleek dat docenten Duits ook in landen ver buiten Europa – zoals Brazilië – grote belangstelling voor dit onderwerp hebben. De deelnemers willen weten welke oplossingen de Duitstalige landen vinden. Want in veel landen zijn er er vergelijkbare situaties, bijvoorbeeld met arbeidsmigranten. Of omgekeerd trekken de mensen hiervandaan zelf naar andere landen en moeten ze een nieuwe taal leren. Het IDT-programma komt aan deze belangstelling tegemoet. Dit is overigens ook een goed voorbeeld van hoe de IDT op actuele trends en interesses inspeelt en daardoor van haar kant invloed op de toekomst van het onderwijs en het vak DaF uitoefent.

Marianne Hepp Marianne Hepp | Foto: © privé Prof. Marianne Hepp doceert Duitse taalwetenschap aan de Dipartimento di Filologia, Letteratura e Linguistica van de universiteit Pisa, Italië. Sinds 2009 bekleedt ze de functie van voorzitter van het Internationale Deutschlehrerinnen- und Deutschlehrerverband (IDV).