EUROPESE UNIE “We moeten een europese burgerbeweging stichten”

Claus Leggewie
Claus Leggewie | Foto: © KWI, Georg Lukas

In maart 1957 werd met het Verdrag van Rome de basis gelegd voor de latere Europese Unie. Politicoloog Claus Leggewie vertelt over de waarde van de Europese idee en de dreigingen waaraan die is blootgesteld.

Meneer Leggewie, wordt de Europese idee volgens u bedreigd door recente ontwikkelingen, bijvoorbeeld door de brexit?
 
De economische, sociale en politieke gevolgen van de brexit zijn voorlopig nog zeer moeilijk in te schatten. Maar uitgerekend dat zou de Europese samenleving juist weerbaarder kunnen maken tegen de dreigingen van een nexit of frexit.
 
Die laatste twee begrippen verwijzen naar een mogelijk uittreden van Nederland of Frankrijk uit de Europese Unie. Zitten achter dat streven vooral rechts-populistische krachten?
 
Het zijn rechts-populistische krachten die het nationalisme in Europa weer sociaal aanvaardbaar hebben gemaakt, maar veel linkse nationalisten doen net hetzelfde. Allebei zagen ze aan de tak waarop we zitten.

“DE EUROPeanen mogen zich niet uiteen laten drijven”

Wat moet er gebeuren om de EU weer populair te maken? En voor welke waarden staat de Europese Unie eigenlijk? 
 
Wat dacht je van vrede, veiligheid, welvaart en democratie? Ik weet dat die zaken voor veel mensen niet meer tellen. Daarom moeten we iets doen aan het vergeten van het verleden, de democratische deelname promoten en een einde maken aan het lichtzinnige gemekker over de EU. En we moeten vooral een Europese burgerbeweging stichten, zoals dat gebeurt met “Praxis Europa”. Dat is een verbond van professionals van de middelste generatie uit diverse maatschappelijke sectoren, wetenschap en cultuur. Samen denken ze na over een democratisch, rechtvaardig en toekomstgericht Europa en willen ze de dreigende versplintering van Europa een halt toeroepen. De mensen die na 1970 geboren zijn, worden wakker. Ze beseffen – bijvoorbeeld door de verwachte gevolgen van de brexit – wat ze te verliezen hebben. Wij Europeanen mogen onszelf niet uiteen laten drijven en moeten de vijanden van Europa terechtwijzen.

Hoe komt het dat de afwezigheid van oorlog sinds 1945 in de meeste Europese landen niet langer wordt gezien als een resultaat en een verwezenlijking van de EU?
 
Omdat niet het Verdrag van Rome, noch dat van Maastricht of Lissabon de vrede verzekerde, maar wel het angstevenwicht tijdens de Koude Oorlog. Maar ook de Duits-Franse alliantie en de Duits-Poolse verzoening, die het virus van het Europese nationalisme hebben ingedamd, deden dat. Voorgoed, dacht ik eigenlijk.

“KLASSENstrijd TEGEN DE VERKEERDE VIJAND”

Wat verenigt de anti-Europese krachten in Polen, Hongarije, Frankrijk en Duitsland?
 
De heropleving van een etnisch-autoritair nationalisme, dat een einde wil maken aan zowel de EU als de democratie. Het is gericht tegen de basis van de republiek, tegen de verworvenheden van 1968, tegen een bij rechts niet graag geziene liberalisering van het dagelijkse leven en van de betrekkingen tussen de verschillende geslachten en verschillende generaties, en tegen tal van zaken die wij in onze rechtsstaat voor vanzelfsprekend houden. De nationalisten hebben allemaal dezelfde leus: het volk staat boven de wet. Orbán, Erdogan en ook Trump-adviseur Steve Bannon streven uitdrukkelijk naar een identitaire en plebiscitaire autocratie die komaf moet maken met partijen, parlementen, vrije pers en onafhankelijke justitie.

Vanwaar komt die angst voor de moderne tijd?
 
Die komt voort uit een aantal moeilijk te verdragen keerzijden van diezelfde moderne tijd: individuele autonomie, blootstelling aan risico’s, een voortdurende confrontatie met “anderen” en “vreemden”. Kortom, alles wat de moderne cultuur zo boeiend maakt. Aanhangers van die moderne cultuur worden aangevallen met een ongelooflijke minachting, driestheid en domheid.

Heeft dat te maken met zelfvoldaanheid, of schuilt achter de rechts-populistische kritiek misschien ook een kern van waarheid?
 
Ja, een grote kern zelfs. Waarmee ik niet wil toegeven aan het links-liberale masochisme dat is losgebroken na de verkiezing van Trump, want geen enkel gevoel van in de steek te zijn gelaten rechtvaardigt de verkiezing van zo een seksist en racist. Tegen zulke lui moeten we zeer gedecideerd zijn en indien nodig verzet organiseren. Maar we moeten er natuurlijk ook rekening mee houden dat de representatie- en legitimiteitscrisis van een aantal huidige democratieën is gegroeid vanuit sociale ongelijkheid, oligarchische tendensen in de partijen en het controleverlies van de naties over de wereldwijde economische en financiële actoren. Rechtse extremisten voeren een klassenstrijd tegen de verkeerde vijand. In plaats van zich te verzetten tegen hen die de crisis hebben veroorzaakt, ruien ze het volk op tegen minderheden, vreemdelingen, journalisten, professoren, experten en cultuurbrengers. Mocht Frauke Petry bondskanselier worden (God behoede het!), dan zou de eerste ambtsverrichting van haar minister van Onderwijs en Cultuur erin bestaan de Goethe-instituten, de openbare omroep en de steun aan kritisch onderzoek af te schaffen.
 

Claus Leggewie,

Claus Leggewie (gen. 1950), is professor in de politieke wetenschappen en directeur van het cultuurwetenschappelijk instituut (Kulturwissenschaftliches Institut, KWI) in Essen en van het Centre for Global Cooperation Research in Duisburg. In het wintersemester 2015/16 bekleedde hij als eerste de Ludwig-Börne-leerstoel aan de Justus-Liebig-Universiteit in Gießen. Samen met zijn collega Roman Léandre Schmidt heeft hij het pro-Europese initiatief “Praxis Europa” opgericht, dat in februari 2017 aan het publiek werd voorgesteld.