Blok 4
GEBRUIK ONZE ERVARING VOOR JOUW ACTIVITEITEN!
In dit blok delen we benaderingen die voor ons goed werkten tijdens de LIBRA.I.-trainingen. Je leest ook hoe je deze ideeën kunt gebruiken in je eigen activiteiten.
DE TWEE BENADERINGEN
In BLOK #3 bespraken we hoe belangrijk het is om je doelgroep te kennen. Dat hangt nauw samen met het vinden van de juiste deelnemers voor elke activiteit rond AI-geletterdheid die je wilt ontwikkelen. Op basis van onze ervaring raden we aan om deelnemers op twee manieren te werven:
- Optie 1: werken met deelnemers die je al kent. Dit biedt een veilige setting om complexe AI-tools te testen. Tegelijk loop je het risico dat de uitkomsten voorspelbaar zijn en dat je nieuwe perspectieven mist.
- Optie 2: deelnemers uitnodigen die je nog niet kent. Dit zorgt voor minder voorspelbare interacties die nieuwe AI-toepassingen zichtbaarder maken. Tegelijk kun je minder goed inschatten of de vaardigheden later ook echt in de praktijk gebruikt worden.
ervaringen. De vraag die je jezelf kunt stellen is: hoe zie je het verloop van je activiteit en wat
is jouw rol daarin?
DOE VOORAF ONDERZOEK
Voor de trainingen vroegen we deelnemers via een enquête naar hun kennis van AI en hun verwachtingen over de workshops. De resultaten hielpen onze trainers om te begrijpen wat deelnemers echt over AI wilden leren, zoals praktische tools, ethiek, beleid en gebruik in het dagelijks werk. Daardoor konden we voorkomen dat we te veel aandacht gaven aan onderwerpen die minder aansloten bij de dagelijkse praktijk van bibliotheekmedewerkers. Sommige verwachtingen lieten zien dat deelnemers bang waren voor banenverlies, onzeker waren over gegevensbescherming of twijfelden aan de betrouwbaarheid van AI-tools. Daardoor konden we zorgen en misverstanden beter bespreken.
Ook de mate van vertrouwen en kennis van deelnemers rond AI gaf ons een beeld van hun vaardigheidsniveau. Na de training herhaalden we dezelfde enquête. Zo kregen we zicht op de mate waarin hun kennis en vaardigheden waren gegroeid. Vergelijkbare enquêtes kunnen je helpen om de ontwikkeling van vaardigheden bij je eigen deelnemers te meten en hun behoeften beter te begrijpen. Meer daarover vind je in BLOK #3. Natuurlijk is zelfbeoordeling niet altijd de meest objectieve methode. Toch kan het laten zien hoe deelnemers je activiteit hebben ervaren en hoeveel vertrouwen je hun hebt gegeven. Wil je grondiger evalueren, denk dan aan een kennistest, bijvoorbeeld een meerkeuzevragenlijst die deelnemers voor en na de training invullen. In de sectie “Printmateriaal” van de methodiek hebben we een voorbeeld van zo’n enquête opgenomen.
DE INHOUD VAN DE ACTIVITEIT
Nu deze twee vragen duidelijk zijn, kun je verder met de inhoud van je activiteiten. Begin met de juiste sfeer. Komen deelnemers te vroeg binnen, laat hen dan niet in ongemakkelijke stilte zitten. Zet wat muziek op, misschien zelfs muziek die met AI is gemaakt, om de sfeer te ontspannen. Zodra de activiteit begint, kun je het ijs breken: stel iedereen een korte vraag, doe een korte stretch of kies iets luchtigs.
Vergeet niet dat jij de leeromgeving begeleidt als organisator van de activiteit. Het is een goed idee om helpers of begeleiders in te zetten die je ondersteunen bij het bewaken dat iedereen krijgt wat nodig is. Heb je zulke begeleiders, zorg dan dat zij hun rol kennen: begeleiden en vragen stellen, niet zelf voortdurend aan het woord zijn, zeker niet tijdens groepswerk. Probeer begeleiders vooraf toe te wijzen en deelnemers vooraf in groepen in te delen. Zo hoeven deelnemers minder ongemakkelijk naar hun plek te zoeken. Maak de ruimte zo inclusief mogelijk. Als iedereen aan dezelfde tafel zit, zowel partners als deelnemers, ontstaat er sneller een veilige sfeer waarin je samen leert. Zijn deelnemers meertalig, laat hen dan overleggen en zelfs prompts formuleren in hun eigen taal. Dat maakt groepswerk sneller en verdiepend. Gebruik daarnaast één gemeenschappelijke taal voor gesprekken met de hele groep.
Plan je binnen je activiteit een grotere discussie, zoals “De rol van AI in bibliotheken”, dan kun je die het beste tegen het einde van de training of les plaatsen. Zo reserveer je er bewust tijd voor en kun je de duur aanpassen aan de resterende tijd. Is er nog tijd over, gebruik de laatste minuten dan voor reflectie of een quiz om te zien wat iedereen heeft geleerd.
NOG EEN PAAR PRAKTISCHE AANDACHTSPUNTEN
Praktisch gezien: laat je voorbeelden van AI-prompts op een scherm zien, gebruik dan een groot en vet lettertype. Geef je een voorbeeld in je browser, gebruik dan de zoomfunctie; 200% zoom is aanbevolen. Is de tekst te klein voor mensen achter in de zaal, lees die dan hardop voor of print de tekst vooraf uit en zorg dat iedereen een exemplaar krijgt.
Test ook altijd vooraf je video’s en zet ondertiteling aan. Dat helpt deelnemers voor wie de taal in de video niet hun eerste taal is. Het houdt mensen beter bij de les als de audio eentonig is en helpt deelnemers die minder goed horen.
Houd na de training contact met je deelnemers als je echt wil weten of je activiteit voor hen praktisch bruikbaar was. Een aanpak is de eerdergenoemde enquête, maar een kleine opdracht voor thuis kan ook goed werken. De deelnemers aan onze allereerste bootcamp in Riga maakten binnen een maand na de training allemaal een plan voor hun eigen activiteiten. Op basis van onze ervaring hebben we een te printen plan voor een mogelijke activiteit gemaakt.
Benieuwd naar de volgende stap? Bekijk dan BLOK #6 en lees hoe je je eigen lesplan kunt maken. Of verdiep je verder in het onderwerp gemeenschappen met ons community building plan.