Films in het vreemdetalenonderwijs
De film loopt!
Films bieden veel mogelijkheden voor het onderwijs van vreemde talen. Ze hebben een motiverend effect op leerlingen, geven inzicht in een andere cultuur en creëren heel wat authentieke aanleidingen voor spreken en schrijven.
Von Christl Reissenberger
Waarom films gebruiken bij het onderwijs van vreemde talen?
Films bieden unieke kansen voor motiverend en leerlinggericht vreemdetalenonderwijs. Ze maken het mogelijk om activerende lessen te geven waarin luisteren en kijken centraal staan. Daarmee krijgt het audiovisuele aspect van taalvaardigheid de plaats die het verdient in onze huidige wereld. Films zijn authentieke culturele producten die leerlingen niet alleen taal bijbrengen, maar ook helpen bij het ontwikkelen van interculturele en mediavaardigheden.Door middel van beeld en geluid vertellen speelfilms verhalen die leerlingen confronteren met verschillende standpunten en conflicten. Dit zet hen aan tot nadenken en kan hun kijk op de wereld verruimen. De link tussen emotie en cognitie werkt motiverend en ondersteunt de affectief-emotionele kant van het leren van vreemde talen.
Filmkeuze
Het belangrijkste criterium bij de filmkeuze zijn de leerlingen zelf. De film moet geschikt zijn voor de leeftijd en culturele achtergrond van de leerlingen en moet hun interesse wekken. Qua thema van de film moeten de leerlingen een verband kunnen leggen met hun eigen wereld. Natuurlijk speelt ook het taalniveau van de leerlingen een rol. Een geschikte methodologische aanpak kan een gebrek aan taalvaardigheid compenseren.
Er is keuze uit verschillende filmformaten: (lange) speelfilms, kortfilms, series, muziekvideo's, reclamefilms, nieuwsprogramma's, interviews, enz. Kortere formaten hebben het voordeel dat ze in hun geheel kunnen worden getoond in de les. Als er echter niet genoeg tijd is om een (lange) film in de les te tonen, is het ook mogelijk om 4-5 scènes te selecteren om het thema van de film te behandelen.
Tot slot kan ook de beschikbaarheid van lesmateriaal een rol spelen bij de keuze van een film. De onderstaande links kunnen nuttig zijn bij de filmkeuze.
Methodologisch-didactische overwegingen
Ook bij kortere films is het zinvol om de film op te delen in verschillende fragmenten en die stap voor stap te behandelen. Zo voorkom je dat de leerlingen enkel nog maar passief kijken. Een fragment waarop actief gewerkt wordt, mag bij voorkeur niet langer zijn dan vijf minuten. Afhankelijk van het taalniveau van de film én van de leerlingen kan een sequentie meerdere keren bekeken worden.
Het gebruik van ondertiteling (Duitse ondertitels zijn te verkiezen boven ondertitels in de moedertaal) is ook een manier om het begrip te vergemakkelijken.
Bij complexe scènes is het aan te raden om per keer op één didactisch element te focussen, zoals de taal, het plot, de personages of filmtechniek. Deze elementen kunnen ook verdeeld worden over verschillende groepjes. In een gezamenlijke nabespreking worden de inzichten vervolgens gebundeld, zodat het geheel beter begrepen wordt.
De didactische behandeling van filmfragmenten vindt plaats via het beproefde schema VOOR-TIJDENS-NA.
Opdrachten VOOR DE FILM activeren de voorkennis van de leerlingen, wekken hun nieuwsgierigheid en bieden hulp met betrekking tot woordenschat, historische achtergrond of kennis over een land.
Opdrachten TIJDENS DE FILM moeten passief kijken voorkomen en een goed begrip vergemakkelijken.
Opdrachten NA DE FILM helpen om het begrip van wat de leerlingen hebben gezien en gehoord te verdiepen en een verbinding te leggen met de eigen leefwereld.
Voorbeelden van mogelijke opdrachten:
De nummers van de opdrachten in de voorbeelden verwijzen naar de didactische benadering van de film "Your beauty is worth nothing".VOOR DE FILM
- Aan de hand van de filmposter of citaten uit de film kunnen de leerlingen veronderstellingen formuleren over de plot of de constellatie van personages.
- Filmfoto's: beschrijvingen van de foto's (zie opdracht 1A/B).
- Een sociogram maken dat past bij het filmthema / sleutelbegrippen.
- Woordenschat door gerichte opdrachten toegankelijker maken.
- Werken met de transcriptie: delen van de dialoog in de juiste volgorde plaatsen.
TIJDENS DE FILM
- Opdrachten laten uitvoeren tijdens de film, bijvoorbeeld kijken hoe de plot zich ontwikkelt, personages volgen, kijken wat er over het land te zien is (zie opdracht 2).
- Checklists (Wat heb je wel en niet gezien in de film?).
- Laat een deel van de film zonder geluid zien. De leerlingen moeten raden waar de personages het over hebben (zie opdracht 4a).
- Gebruik alleen het geluid. De leerlingen moeten voorspellen wat de bijbehorende beelden zijn.
- Controle of alles is begrepen: Waar/niet waar opdrachten (zie opdracht 3), meerkeuzevragen (zie opdracht 7a), cloze-toetsen (zie opdracht 7b), profiel schrijven van een personage (zie opdracht 5), beantwoording van open vragen (zie opdracht 4c).
- Een samenvatting of filmrecensie schrijven
- Creatieve voortzetting: een innerlijke dialoog schrijven, verder schrijven aan een scène (zie opdracht 9A/B b), een ander einde bedenken (zie opdracht 10b), het hoofdpersonage interviewen.
Literatuur
Biechele, Barbara (2010): „Verstehen braucht Sehen: entdeckendes Lernen mit Spielfilm im Unterricht Deutsch als Fremdsprache.“ In: Welke; Faistauer (2010).
Henseler, Roswitha; Möller, Stefan; Surkamp, Carola (2011): Filme im Englischunterricht. Grundlagen, Methoden, Genres. Seelze: Klett/Kallmeyer.
Welke, Tina; Faistauer, Renate (Hg.) (2010): Lust auf Film heißt Lust auf Lernen. Der Einsatz des Mediums Film im Unterricht Deutsch als Fremdsprache. Wien: Praesens Verlag.
Welke, Tina; Faistauer, Renate (Hg.) (2015): Film im DaF/DaZ-/Unterricht. Wien: Praesens Verlag.